Op 11 februari 2020 keurde de gemeenteraad het belastingreglement op vervoer van personen met een politievoertuig goed voor de aanslagjaren 2020 tot en met 2025. Het reglement wordt hernieuwd voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2032. Deze periode stemt overeen met de verdere duurtijd van de huidige legislatuur met twee extra jaren (2032) om de continuïteit te verzekeren.
Onder bepaalde voorwaarden is het noodzakelijk dat personen die overlast veroorzaken vervoerd worden met een politievoertuig.
Het verwerven van inkomsten via belastingen is noodzakelijk om de algemene uitgaven van de gemeente te financieren.
Om de openbare orde te handhaven kan het noodzakelijk zijn om personen die overlast veroorzaken te vervoeren met een politievoertuig:
Het is passend om een vrijstelling te verlenen bij het vervoer van minderjarigen omdat minderjarigen bijzondere bescherming en zorg nodig hebben. Het vervoer van minderjarigen kadert vaak in een beschermende maatregel waarbij minderjarigen nog niet dezelfde verantwoordelijkheid en autonomie kunnen dragen als een volwassene.
Artikel 41, 162 en 170, §4 van de Grondwet
Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen en latere wijzingen
De omzendbrief KB/ABB 2019/2 van 15 februari 2019 betreffende de gemeentefiscaliteit
De gemeenteraad besluit voor de periode van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2032 een belasting te vestigen op het vervoer van personen met een politievoertuig wegens:
De belasting wordt vastgesteld op een forfaitair bedrag van 100 euro per rit.
Als rit wordt verstaan het traject dat wordt afgelegd vanaf het uitrukken van het politievoertuig tot op het ogenblik dat de betrokkene op zijn eindbestemming is gebracht. De eindbestemming is de meeste aangewezen eindbestemming naargelang het geval (politiecommissariaat, thuis, bij de meerderjarige die het ouderlijk gezag of feitelijk toezicht uitoefent, ziekenhuis, gevangenis, …).
De belastingplichtige is de natuurlijke persoon die vervoerd werd of in voorkomend geval, van de voor hem burgerlijk verantwoordelijke persoon. De belasting is verschuldigd vanaf het ogenblik dat de vervoerde persoon zijn eindbestemming bereikt heeft.
Er is een vrijstelling van de belasting bij het vervoer van minderjarigen.
De belasting op het vervoer van personen met een politievoertuig is een contantbelasting. Als de contante inning niet kan worden uitgevoerd, wordt de belasting ingevorderd door middel van een kohier dat wordt vastgesteld en uitvoerbaar verklaard door het college van burgemeester en schepenen.
Dit reglement wordt bekendgemaakt via de gemeentelijke webtoepassing.