Op 8 november 2022 keurde de gemeenteraad het belastingreglement op winterterrassen op openbaar domein goed voor de aanslagjaren 2023 tot en met 2025.
Het reglement wordt hernieuwd voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2032. Deze periode stemt overeen met de verdere duurtijd van de huidige legislatuur met twee extra jaren om de continuïteit te verzekeren.
Het verwerven van inkomsten via belastingen is noodzakelijk om de algemene uitgaven van de gemeente te financieren.
Het plaatsen van terrassen gebeurt door een inname van de openbare weg en brengt een last mee voor de gebruikers van het voetpad.
De plaatsing van een terras gedurende 12 aaneengesloten maanden betekent een permanente uitbreiding van een handelszaak en een vergroting van hun exploitatiemogelijkheden.
Om de oppervlakte van deze terrassen en uitstallingen tot een minimum te beperken, wordt van de exploitanten een financiële bijdrage gevraagd.
Het is passend om een vrijstelling te verlenen indien een terras niet geëxploiteerd kan worden omwille van openbare werken of andere uitzonderlijke omstandigheden.
Artikel 41, 162 en 170, §4 van de Grondwet
Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen en latere wijzingen
De omzendbrief KB/ABB 2019/2 van 15 februari 2019 betreffende de gemeentefiscaliteit
Het Politiereglement van 11 maart 2025 inzake het privatief gebruik van het openbaar domein voor het plaatsen van terrassen voor horecazaken
De gemeenteraad besluit voor de periode van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2032 een belasting te heffen op winterterrassen op openbaar domein.
De belasting bedraagt 25 euro per vierkante meter per jaar.
De belastingplichtige is de exploitant van het terras. De betaling van de belasting is hoofdelijk verschuldigd door de exploitant en de eigenaar van het terras.
Een vrijstelling van belasting wordt verleent indien een terras niet geëxploiteerd kan worden omwille van openbare werken of andere uitzonderlijke omstandigheden,- voor zover de inactiviteit minstens 30 opeenvolgende kalenderdagen in beslag neemt. De vrijstelling bedraagt -5 euro per vierkante meter en per maand, met een maximum van 25 euro per vierkante meter per jaar.
De belasting wordt ingevorderd door middel van een kohier dat wordt vastgesteld en uitvoerbaar verklaard door het college van burgemeester en schepenen.
De belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger kan overeenkomstig de bepalingen van artikel 9 van het Decreet van 30 mei 2008 bezwaar indienen tegen deze belasting bij het college van burgemeester en schepenen.
Dit reglement wordt bekendgemaakt via de gemeentelijke webtoepassing.